Vandaag een tweede keer onze Zeeuw buiten Zeeland, Karel Leeftink. Weet u nog? Karel was stadsdichter van Middelburg en als boswachter bekend staande gepensioneerd woordvoerder. Hij woont hij in Portugal maar internet kent geen grenzen. Dit weekend, voor morgen staat er nog een verhaal klaar, kunt u van zijn bijzondere stijl genieten. Let u op de typografie van het tweede verhaal. Wij presenteren; Karel Leeftink.
Een boswandeling
Een boswandeling, lieve dames en beste heren, das nog es leuk en vaak ook zo gezond. Een korte wandeling of een lange wandeling, wat maakt het uit, als er maar bomen zijn. Hoge bomen, dikke bomen, wijze bomen, slagbomen, jonge bomen, samen zijn ze een bos of ook wel ouderwets, een woud. Daarin wandelt u en laat alles op u inwerken. Dat doet u best alleen, anders is er van het gedachteloos rondzwerven of het geestelijk uitrusten vaak geen sprake. Met name als u met een kletsmajoor, babbelkous of kakel het bos in gaat, is een boswandeling vrijwel zinloos. U ziet geen boom, u hoort geen blad, het is een schier eindeloos op uw qui vive, uw hoede zijn: een werkdag in uw vrije tijd. Nee, een boswandeling werpt de meeste vruchten af als u die alleen en bij voorkeur in een verlaten bos onderneemt. Dan leidt niets u af van waarom het gaat: het vallen met de blaren, het zingen met de vogels, het knorren met de zwijnen en het huilen met de wolven, het als het ware één worden met het bos. Dan kunt u op achting en respect van de bomen, van het bos als geheel rekenen. Dan voelt u zich gezien, gewaardeerd, lopen de bomen met u mee, nemen de takken u aan de hand, poetsen de blaren uw neus. U wordt gestreeld door het mos, geknuffeld door de wind, gedragen door de geuren, u bent het bos en wandelt als het ware door uzelf heen.
Natuurlijk is dat laatste niet altijd aangenaam. Immers, het maken van een boswandeling brengt u soms gedachten, herinneringen, gevoelens, die lang vergeten, ooit weggestopt of nooit goed verwerkt zijn.
Dat is een niet te onderschatten risico dat u loopt bij een boswandeling, met name als die in de herfst bij het vallen van de bladeren of in de winter in de modder of bij regen plaats vindt. Mocht u daarvoor ontvankelijk zijn, dan is een dergelijke onderneming in elk geval in genoemde tijden te ontraden.
Voorts heeft het geen zin een boswandeling te maken als u geen echte natuurliefhebber bent, tegen uw zin het bos in gaat. Wat brengen u immers die geluiden, die geuren en kleuren, dat geritsel en gepiep van vaak onzichtbare wezens, dat kreunen en steunen van de overmaat aan bomen? Dan draait een dergelijk project algauw op een teleurstelling uit. Kunt u misschien beter thuis blijven, naar een concert gaan of een bezoek brengen aan een interessant museum, om maar es een paar alternatieven te noemen.
Voel u zich echter wel op je gemak in de natuur, dan is een boswandeling een aanrader, die u de wereld dikwijls vanuit een heel ander perspectief toont, nieuwe gezichtspunten oplevert en wellicht zelfs voor inspiratie, geestdrift, levenslust en dergelijke zorgt. Bovendien draagt de zuivere boslucht bij aan een goede gezondheid! Dus waarom nog langer wikken en wegen, weifelen en twijfelen: Gauw het bos in en u zult merken, dat ik echt niet te veel gezegd heb.
op een dag
op een dag – zeg maar gerust, een zekere – stond mijn zoon voor de deur
ik wist dat niet, ik zag een magere wat sjofel geklede jongeman voor mij staan, die zich aan mij voorstelde met “ik ben uw zoon”
dat verbaasde mij enigszins omdat ik er intussen van overtuigd geraakt was geen nakomelingen te hebben voortgebracht
niet, dat er geen gelegenheden geweest waren zonen of dochters te verwekken, maar ik had ze klaarblijkelijk niet te baat genomen, dacht ik dan toch
de jongeman sprak echter zo overtuigend dat ik geen enkele reden had aan zijn woorden te twijfelen en dat ik dus zijn vader was
ik was verbaasd en verrast, hoe aangenaam viel nog te bezien, maar laat ik niet op zaken vooruit lopen
“Kom maar binnen”, zei ik; ik kon hem toch maar moeilijk buiten in regen en wind laten staan, die die dag nadrukkelijk aanwezig waren
hij liep achter mij de keuken in, trok zijn enigszins verregende hoodie uit en nam plaats aan de grote eikenhouten tafel, waarna ik hem voorzag van een mok koffie en een plak zelfgebakken chococake
als je zoon op bezoek is, pak je uit, per slot
“Goh, nooit geweten, dat ik een kind had en jij mijn zoon bent”, zei ik, om het al aan de deur stil gevallen gesprek weer op gang te krijgen, waarop hij wat kortaf te kennen gaf het zelf tot voor kort ook nooit geweten te hebben
op mijn vraag hoe hij mij gevonden had, haalde hij zijn schouders op en zei, dat-ie een beetje op internet gezocht had en uiteindelijk hier op dit adres terecht was gekomen, maar zo verzekerde hij mij: “Je bent echt mijn vader, pa!”
dat laatste woord ontroerde mij zo, dat ik er bijna van overtuigd raakte echt zijn vader te zijn
niettemin had ik nog wel wat twijfels en was uiteraard erg benieuwd wie dan wel de moeder van deze uit de kluiten gewassen kerel was, welke voormalige vriendin mij dit geschenk bezorgd had
ik ging in gedachten de dames af waarmee ik wel es één of meerdere nachten had
doorgebracht en trachtte vergeefs in het gezicht van “mijn zoon” sporen te ontdekken van één van hen
hij zelf kon mij maar weinig meer vertellen, hij had geen idee
voor zo ver hij wist, had hij nooit een moeder gehad, en als, dan was hij vergeten wie zij was
hij vertelde in drie bondige zinnen hoe zijn leven er tot nog toe uitgezien had en deed
er daarna het zwijgen toe
toen ik naar zijn naam vroeg, antwoordde hij: Madelief
ik dacht hem niet goed verstaan te hebben en vroeg het hem nogmaals, maar het antwoord bleef hetzelfde
bij mijn opmerking, dat ik dat voor een jongeman een wel bijzondere naam vond,
keek hij mij ietwat verwezen aan en zei, dat-ie altijd zo geheten had en nooit ook maar iemand daarbij vraagtekens had gezet
na een tweede kop koffie, vertelde Madelief mij, dat-ie al jarenlang in L. woont, niet ver van de grens, dat-ie een manusje-van-alles is en hier en daar wat “klusjes” doet, waarover hij zich overigens verder niet uitliet
daarna viel het gesprek wederom stil: al met al bleek hij een teruggetrokken, eenzelvige jongen te zijn, die wat onzeker leek – gezien de situatie overigens niet geheel onbegrijpelijk – niet bepaald toeschietelijk was en al geheel geen man van veel woorden
kortom, een fijne zoon, die jongen, dacht ik toen hij een anderhalf uur later in de gietende regen op zijn Gazelle-fiets weer vertrok:
ik hoop hem nooit weer te zien..
